startpagina

Onderzoeksinstituten
Bibliotheca Launiana








 

 

 

 

Prof. dr Rudolf von Laun


Rudolf von Laun (1882-1975) was vanaf 1919 hoogleraar Volkenrecht aan de Rechts- und Staatswissenschaftliche Fakultät van de in dat jaar gestichte Universiteit Hamburg. Hij gaf leiding aan de Forschungsstelle für Völkerrecht und ausländisches öffentliches Recht. Deze instelling is in 1973 met de Hamburger Stiftung Institut für Auswärtige Politik gefuseerd tot het Institut für Internationale Angelegenheiten der Universität Hamburg. Voor meer informatie over de geschiedenis van dit instituut, zie: www.jura.uni-hamburg.de/wir/geschichte.php3.

In zijn Rektoratsrede van 1925: Recht und Sittlichkeit heeft Rudolf von Laun de theorie ontwikkeld van de autonomie van het recht, dat wil zeggen: een theorie waarin hij stelt dat voor zover het recht zich als macht manifesteert, het niet als ‘recht’ kan functioneren, omdat het dan in dienst van de macht staat. Het recht heeft volgens hem een autonome geldigheid, onafhankelijk van de macht die dat recht moet effectueren.

Met deze extrapolatie van het recht als het recht van de zwakke sloot Von Laun naadloos aan bij de Griekse rechtsopvatting van de dikè dat vanaf de achtste eeuw voor Christus als het recht van de zwakke werd begrepen. Von Laun gebruikte daarvoor het beeld van de wolf die niet het recht kan hebben het lam te verscheuren. Daarmee gaf hij blijk van metafysisch inzicht in het wezen van het recht, dat haaks stond op de gangbare mening van het recht als een alleen door de staatsmacht te garanderen instituut, dat zonder die macht juridisch gezien geen realiteitswaarde heeft (Kelsen).

Aangezien hij als jurist verplicht was het nazi-recht te doceren, waar hij als rechtsfilosoof  en sociaal-democraat niet achter kon staan, heeft hij zich in de oorlogstijd vooral op de filosofie toegelegd, wat meteen na de oorlog zijn weerslag vond in een puur filosofisch werk, Vom Satz des Grundes. Voor zijn moedige intellectuele oppositie, die hem een aanzienlijke salarisstrafkorting opleverde vanwege het nazi-regime, werd hij na de Tweede Wereldoorlog door de Britten beloond met het Rectoraat van de Universiteit van Hamburg in 1947. Toen echter bleek dat de Britse Bezettingsmacht zich opstelde alsof Duitsland van 1945 tot 1949 als rechtspersoon niet meer bestond, tekende Von Laun protest aan, wat hem door de Bezettingsmacht niet in dank werd afgenomen, maar dat wel getuigde van zijn intellectuele integriteit.

Hij was de leermeester van Claus von Amsberg (1926-2002), de latere Prins der Nederlanden. Von Laun was een van de weinige niet-positivistisch-legalistisch ingestelde rechtsfilosofen van Duitsland, waar - zoals bekend - vele juristen het nazi-regime steunden, omdat het nu eenmaal legaal was.

Filosofisch was Von Laun eerder Kantiaan dan metafysicus: dat maakte het hem bijzonder moeilijk, als jurist te blijven denken vanuit het wezen van het recht. Daarom heeft hij zichzelf tijdens zijn leven ook nooit als metafysicus gezien. Door de theorie van de ‘Dubbele Waarheid’ (veritas duplex) (zie Filosofische Achtergrond) wordt dit postuum nu voor hem wel mogelijk, zoals ook zijn beide zonen hebben erkend. Dr Otto von Laun opende op 3 november 1995 het naar zijn vader genoemde Instituut. Hij schonk een deel van zijn vaders bibliotheek aan het Instituut en gaf een bronzen buste van zijn vader in bruikleen.

naar boven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Onderzoeksinstituten


12 januari 2011

Gedachten bij het verschijnen van: Rudolf Laun (1882-1975). Staatsrechtslehrer zwischen Republik und Diktatur van Rainer Biskup (Conference Point Verlag, Hamburg, 2010) door Dr J.D.J. Buve, Directeur Rudolf von Laun Instituut voor Toegepaste Metafysica, Deventer U kunt deze recensie hier raadplegen of ophalen (PDF).

                                                                      

 

De onderzoeksactiviteiten van de Geert Grote Universiteit zijn c.q. worden ondergebracht in twee onderzoeksinstituten, het Rudolf von Laun Instituut en het Gerson Instituut.

I
GGU - von Laun Instituut

Het Rudolf von Laun Instituut voor Toegepaste Metafysica was al in 1995 door dr J.D.J. Buve in Leeuwarden gesticht en staat sinds 2006 in Deventer aan de wieg van de Geert Grote Universiteit. Het is genoemd naar prof. dr Rudolf von Laun (1882-1975).

Het Instituut kent drie aandachtsgebieden:
a.  Politieke Theorie en Filosofie
b.  Europees Recht, Rechtstheorie en Rechtsfilosofie
c.  Grondslagen van het Canoniek Recht

Ad a. Op dit gebied wordt gewerkt aan een driedelig werk over 'Het Europese Politieke Denken van Thucydides tot Kondylis'. Deze belangrijke bijdrage aan de Nederlandstalige politieke literatuur staat onder auspiciën van prof. dr F.R. Ankersmit, dr J.D.J. Buve en prof.dr P.B. Cliteur.
De eerste band van de Oudheid tot de Middeleeuwen staat onder redactie van drs Willem Boerma.

Ad b. In deze sectie is in 2005 het standaardwerk van Paul Cliteur uitgegeven: Natuurrecht, Cultuurrecht, Conservatisme. Grondslag van de Democratische Rechtsstaat (zie ook titels Deventer Universitaire Pers), en diverse Von Laun Lezingen, waaronder die van Meuwissen, Couwenberg en Van Haersma Buma. Ook in de in 2008 onder auspiciën van het Instituut gepubliceerde band: Hegel Actueel. Over de Betekenis van het Hegeliaanse Denken voor Wetenschap, Religie en Politiek in de XXIe eeuw (zie ook titels Deventer Universitaire Pers) komt de rechtsfilosofie uitvoerig aan bod, met name in het programmatische artikel: 'De Rechtsbeoefening tegen de Achtergrond van Hegels Rechtsfilosofie' van prof. dr D.H.M. Meuwissen.

Ad c. In samenwerking met leden van het Werkverband Nederlandstalige Canonisten (WNC) wordt momenteel gewerkt aan de oprichting van deze derde sectie, die zich zal richten op het grondslagen-onderzoek van het Kerkelijk Recht in oecumenisch perspectief. Er is ook al een begin gemaakt met de opbouw van een documentatiecentrum op kerkrechtelijk gebied.

Sinds 2002 wordt de oprichting van het Instituut jaarlijks herdacht door de 'Von Laun Lezing'. ( zie ook titels Deventer Universitaire Pers).

Alle onderzoeksresultaten van het Instituut verschijnen sinds 2000 in de Acta Launiana.
(zie ook titels Deventer Universitaire Pers).

Voor een breder publiek wordt jaarlijks in het kader van de Maand van de Filosofie (april) 'De Nachtuil' georganiseerd.

II
GGU-Gerson Instituut

Johan van Gerson (1363-1429) was vanaf 1392 kanselier van de Universiteit van Parijs. Hij werd geïnspireerd door de Moderne Devotie tijdens zijn verblijf in de Lage Landen (Brugge). Zowel op kerkelijk als op staatkundig gebied was hij een constitutionalist avant la lettre. Vooral in de negentiende eeuw liet zijn reputatie het afweten, omdat hij voor de progressieven te katholiek was en voor de conservatieven niet pausgezind genoeg werd gevonden met zijn theorie die het Algemeen Concilie boven de Paus plaatste.

Deze democratische grondhouding is kenmerkend voor velen die beïnvloed zijn door het gedachtegoed van Geert Grote en zijn Moderne Devotie, zoals ook Jan Standonck (1443-1504), de latere rector van de Universiteit van Parijs (1485), die zijn opleiding in Gouda bij de Broeders gekregen had en die het Collège de Montaigu heeft hervormd volgens de principes van de Broeders van het Gemene Leven. Via dit Parijse College heeft het hele onderwijssysteem in Europa vorm gekregen. Hier studeerden zowel Erasmus en Ignatius van Loyola als Calvijn en John Knox, bien étonnés de se trouver ensemble!  

Ook hier ziet men hoe ver de ideeën uit Deventer kunnen reiken. Juist die beslissende invloed op het hele onderwijssysteem in Europa is voor de Geert Grote Universiteit aanleiding het voornamelijk op Midden- en Oost-Europa gerichte Instituut naar deze pionier te noemen.

Tijdens het eerste Deventer Slavistensymposium op 20 november 2010 werd de eerste afdeling van het instituut (Sectie Midden- en Oost-Europese Studies) officieel geopend. Kijkt u voor een verslag onder ‘Tolstoj aan de IJssel’. Sindsdien organiseert het instituut jaarlijks rond 20 november een Deventer Slavistensymposium. Op 19 november 2011 was het thema: ‘Lomonosov en de Russische Wetenschap’.